Hardnekkige mythes over inbraak

Rond woninginbraak leeft een aantal aannames die zo vaak worden herhaald dat ze vanzelfsprekend
lijken. Sommige zijn half waar, andere leiden er direct toe dat mensen hun geld op de verkeerde
plek uitgeven. Vijf van de hardnekkigste, met wat er feitelijk van klopt.

In het kort

  • Mythe 1: inbrekers komen ’s nachts — overdag gebeurt het net zo goed
  • Mythe 2: bij mij valt niets te halen — de selectie gaat eerst over bereikbaarheid
  • Mythe 3: een alarm houdt inbrekers tegen — een alarm meldt, sluitwerk houdt tegen
  • Mythe 4: een camera schrikt af — hij registreert vooral

Vijf hardnekkige aannames“Inbrekers komen 's nachts”: Insluipen — binnenkomen via wat al openstaat — gebeurt juist vaak overdag, wanneer mensen weg zijn of elders in huis bezig. De seizoenspiek in de winter gaat niet over de nacht maar over vroege duisternis.; “Bij mij valt niets te halen”: De selectie gaat eerst over bereikbaarheid en snelheid, niet over wat er binnen staat. En wat er wél altijd is: sleutels, laptops, telefoons, fietsen en de auto op de oprit.; “Een hond is genoeg”: Geluid en onvoorspelbaarheid verhogen de drempel, maar een hond is geen beveiligingsmaatregel die je koopt en hij vervangt geen sluitwerk.; “Een alarmsysteem houdt inbrekers tegen”: Een alarm detecteert en meldt. Tegenhouden doet het sluitwerk. Daarom begint het Politiekeurmerk bij deuren en ramen en niet bij de elektronica.; “Een camera schrikt af”: Een camera registreert vooral. In het donker, met een capuchon, levert beeld weinig identificatie op — en een dummycamera is meestal herkenbaar aan een knipperend lampje dat echte camera's niet hebben.Vijf hardnekkige aannamesEn wat er feitelijk van klopt“Inbrekers komen 's nachts”Insluipen — binnenkomen via wat al openstaat — gebeurt juist vaakoverdag, wanneer mensen weg zijn of elders in huis bezig. Deseizoenspiek in de winter gaat niet over de nacht maar over vroegeduisternis.“Bij mij valt niets te halen”De selectie gaat eerst over bereikbaarheid en snelheid, niet over water binnen staat. En wat er wél altijd is: sleutels, laptops, telefoons,fietsen en de auto op de oprit.“Een hond is genoeg”Geluid en onvoorspelbaarheid verhogen de drempel, maar een hondis geen beveiligingsmaatregel die je koopt en hij vervangt geensluitwerk.“Een alarmsysteem houdtinbrekers tegen”Een alarm detecteert en meldt. Tegenhouden doet het sluitwerk.Daarom begint het Politiekeurmerk bij deuren en ramen en niet bij deelektronica.“Een camera schrikt af”Een camera registreert vooral. In het donker, met een capuchon,levert beeld weinig identificatie op — en een dummycamera ismeestal herkenbaar aan een knipperend lampje dat echte camera'sniet hebben.De onderbouwing per punt staat in de inbraakmethoden en preventieadviezen van politie en Politiekeurmerk VeiligWonen.

“Inbrekers komen ’s nachts”

Dit beeld komt uit films. In de praktijk is de aantrekkelijkste woning een lege woning, en die is
overdag makkelijker te vinden dan ’s nachts. Insluipen — binnenkomen via een raam of deur die
openstaat — gebeurt bij uitstek overdag. Dat de winter een piekperiode is, komt niet doordat het
nacht is maar doordat het om half vijf al donker is en een donker huis van straat af zichtbaar leeg
oogt.

Waarom inbraak in de winter piekt →

“Bij mij valt niets te halen”

De volgorde in de selectie is: is er iemand thuis, word ik gezien, hoe lang duurt het, en pas
daarna wat er te halen valt. Een goed bereikbare woning met licht sluitwerk komt eerder in
aanmerking dan een villa met zicht van alle kanten. Bovendien is er in vrijwel elk huis iets:
sleutels bij de deur, een laptop, telefoons, een fiets in de schuur.

“Een hond is genoeg”

Een blaffende hond verhoogt de drempel — geluid is een van de weinige dingen die opvallen. Maar
hij is er niet altijd, hij is niet te configureren, en hij verandert niets aan hoe lang het duurt om
je achterdeur te openen. Als aanvulling prima; als maatregel geen vervanging voor sluitwerk.

“Een alarmsysteem houdt inbrekers tegen”

Een alarm detecteert dat er iemand binnen is en meldt dat. Wie het tegenhouden wil, moet bij de
schil zijn: deuren, ramen en het sluitwerk daarop. Dat is ook waarom
het Politiekeurmerk begint bij hang- en sluitwerk, verlichting en zicht
en niet bij de elektronica. Een alarm is een goede tweede stap, geen eerste.

De tien meest gemaakte fouten →

“Een camera schrikt af”

Camera’s zijn nuttig voor registratie en voor het beoordelen van een melding op afstand. Als
afschrikking zijn ze beperkt: in het donker, met een capuchon en op afstand levert beeld zelden
identificatie op. Een dummycamera doet nog minder, en is bovendien vaak te herkennen aan een
knipperend ledje — iets wat echte camera’s juist niet hebben.

Twee die er half naast zitten

  • “Krijttekens verraden een uitgekozen huis.” Dit is grotendeels folklore. Wat
    je wél kunt aantreffen zijn sporen van een poging: krasjes bij de dagschoot, een beschadigde
    poort, een verwrongen slotplaat. Die zijn het melden waard.
  • “Nieuwbouw is al beveiligd.” Half waar. Voor bereikbare ramen en deuren geldt
    een wettelijke eis, maar die dekt de schuur, de poort, de verlichting en de detectie niet.

Wat er in een nieuwbouwwoning standaard in zit →

Veelgestelde vragen

Wat is de meest schadelijke mythe?

Dat een alarmsysteem het eerste is wat je koopt. Het is niet fout om er een te hebben, maar wie ermee begint terwijl de achterdeur nog het originele slot heeft, betaalt voor detectie in plaats van voor weerstand.

Helpen alarmstickers dan wel?

Een fractie, en alleen als ze op de plek zitten waar de beslissing valt. Iemand die al bij je achterdeur staat, heeft de sticker aan de voorkant gepasseerd.

Is een inbraak meestal het werk van professionals?

De meest beschreven methoden vragen weinig vaardigheid: een openstaand raam, een stuk plastic, een uitstekende cilinder. Snelheid en gelegenheid wegen zwaarder dan vakmanschap.

Wat werkt dan wél?

Zichtbare bewoning, zicht op de woning, en sluitwerk dat tijd kost. Dat zijn precies de drie dingen waar het Politiekeurmerk naar kijkt.

Bronnen